Over het Fakkeltheater

“In 1956 werd het Fakkeltheater opgericht door een groepje idealisten die zich sociaal geëngageerd opstelden en stukken brachten met een sociaal-maatschappelijke achtergrond. 
Begin jaren ’60 opende het Fakkeltheater een eerste eigen theater in de Mutsaertstraat, door de medewerkers liefkozend ‘de kleine Fakkel’ genoemd. Door het grote succes barstte dit kleine theater al snel uit zijn voegen en werd er midden jaren ’70 een tweede zaal geopend op de Meir: ‘het Meirtheater’. 
Succesproducties als “Nonsens”, “Buitenwippers”, “Dansmarathon” en “Chez Flo” volgden elkaar in ijltempo op. Als snel bleek dat de bestaande infrastructuur onvoldoende plaats bood en werd er op zoek gegaan naar nieuwe locaties. Dit resulteerde in de opening van de ‘Rode Zaal’ in 1986 en van de ‘Zwarte Zaal’ in 1991.

In 1993 sloeg het noodlot toe in de gedaante van een subsidiestop. Het gerenommeerde gezelschap stond op straat en het Fakkeltheater veranderd noodgedwongen zijn structuur in een ‘niet gesubsidieerd receptief productiecentrum’. Sindsdien biedt het Fakkeltheater een podium aan diverse theatergezelschappen en culturele verenigingen.  Naast de receptieve werking maakt het Fakkeltheater ook nog eigen producties, zoals de populaire café-chantants “Hotel Vocal” en “Chansons Charmantes”, maar ook theaterproducties zoals “Vergeet mij niet” (2017), “Een Oscar voor Emily” (2016), “The 39 Steps” (2015), “Napoleon” (2011), “Venetië in de Sneeuw” (2010), “Charlotte” (2007) en “Marlene” (2006).

In 2009 nam Sam Verhoeven, als algemeen directeur, de spreekwoordelijke fakkel over van Walter Groener die sinds de oprichting in 1956 nog steeds aan het roer stond. Walter Groener is sinds 2016 ere-voorzitter van het theater.

Het Fakkeltheater, gelegen in het hartje van Antwerpen, is een vaste waarde geworden in het Vlaamse theaterlandschap. Jaarlijks worden meer dan 450 voorstellingen gespeeld en komen meer dan 75.000 bezoekers over de vloer. Na een bezoek aan één van deze talrijke voorstellingen is het altijd gezellig nagenieten in de foyers en ook het oude stadscentrum biedt tal van mogelijkheden."